Jullie stapten tegelijk in. Je liep achter haar mooie lange haar aan, en ging tegenover haar zitten. Net iets te lang keek je haar aan. Een glimlach vormde zich om haar mond. Verlegen keek ze uit het raam.
Nu, dagen later, kun je haar gezicht maar niet vergeten. Vroeger, toen alles nog goed was, droomde je er nog eens over en werd je gedwongen haar te vergeten. Je sleept je getergde ziel mee terug naar het leven wat je had voor de ontmoeting. Nu, in de tijd dat men niet meer weet wat loslaten is, en altijd met elkaar in contact kan komen, heb je nog maanden dromen te gaan. De maatschappij van dwangmatig contact dwingt je tot een wanhoopsdaad: een oproepje plaatsen op een website, speciaal voor treinflirts.
De oproepers op deze site zouden eens flink wakker geschud moeten worden. Natuurlijk, flirten geeft je een goed gevoel. Het kan op dat moment lijken dat alle hemellichamen even op de juiste plaats staan. De seconden dat twee mensenlevens elkaar kruisen en elkaar even verkennen. Als de flirt genoeg deed met beide partijen, komt er een afspraak en wellicht een relatie uit voort. Is dit niet het geval, dan kabbelen de mensenlevens, na de verkenning, weer rustig verder. Heeft het dan zin om je af te zetten tegen dat lot?
Verliefd worden is een samenloop van omstandigheden. De charme zit hem juist in een toevallige ontmoeting. Je botst tegen elkaar op in de supermarkt. Hij of zij is degene die je al bewondert vanaf de basisschool. Jullie neefjes zitten op dezelfde voetbalclub. Een site om je flirt op te zoeken is daarom net zo dwangmatig als een datingsite.
Aan de andere kant, als je flirt dezelfde website bezoekt en zo jouw oproepje leest, is dat ook weer zo toevallig, dat je wederom kunt spreken van een speling van het lot.
Ik zie die jongen op het station, triest starend in de verte, naar de trein met het meisje dat hij nooit meer zal zien. Snel geef ik hem een lift naar het volgende station, want ik vind het toch een beetje zielig.